In August, Arne was hosted by Holland's top TV news programmme; Nieuwsuur. You can watch it here

Latest articles

Opinie NRC: Overbrug de afstand tussen Afrika en Europa

‘Was Soedan maar één gebleven’

Zuid-Soedanezen in Khartoem. OneWorld.nl, 17 januari 2018.

 

Precies zeven jaar geleden kozen Zuid-Soedanezen ervoor om een onafhankelijke staat te vormen. Maar de opdeling van het land pakte niet voor iedereen gunstig uit. Zo werden Zuid-Soedanezen die in het noorden wonen van de ene op de andere dag buitenlanders.

De tweede week van januari 2011 was bijzonder. Journalisten uit de hele wereld waren naar het zuiden van Soedan getogen om verslag te doen van een cruciaal referendum: hier zou een christelijk volksdeel, dat bijna een halve eeuw had gevochten tegen de overheersing door het Arabische Soedanese regime, een keuze maken voor of tegen afscheiding van Soedan. Feestende, opgetogen Zuid-Soedanezen lieten me hun stembiljetten zien, waarop ze konden kiezen uit de handdruk (eenheid) of de opgestoken hand: afscheiding. ‘Dit is de laatste kogel,’ riepen ze triomfantelijk, wijzend op hun stembiljet dat het leven beter zou maken.

Wat zaten ze ernaast.

Alleen de eerst drie jaar na het referendum waren vreedzaam voor Zuid-Soedan. In december 2013 brak er een heftige etnisch getinte machtsstrijd uit die nog steeds voortduurt, en waarvan niemand precies weet hoeveel slachtoffers hij heeft gekost. Al na een week werd er over 10.000 doden gesproken, een paar maanden later ging men uit van 50.000, en nu telt niemand meer. Volgens de VN zijn twee miljoen (van de in totaal tien miljoen) Zuid-Soedanezen in eigen land op de vlucht voor het geweld. Twee miljoen anderen vluchtten de grens over: de helft naar Oeganda, de anderen naar DR Congo, Ethiopië en (Noord) Soedan, de voormalige aartsvijand.

Geen kansen op werk

In Hai Yousif, een buitenwijk van het Soedanese Khartoem, wonen veel Zuid-Soedanezen. Er zijn winkeltjes en slagerijen, het is levendig op straat. Een groepje oudere mannen warmt zich met een beker thee. “Het grootste probleem is werk,” vertelt de leider van de groep, aangeduid als Sultan. “Veel van ons woonden al ruim voor 2011 in Khartoem. We hadden hier banen. Nu worden we als buitenlanders gezien en is het veel lastiger om werk te vinden. We kunnen alleen nog rondkomen omdat onze vrouwen in de huishouding van rijke Soedanezen werken.”

Sultan behoort – net als de Zuid-Soedanese president Salva Kiir – tot de Dinka, de grootste bevolkingsgroep van Zuid-Soedan. Zijn vroegere baan in Soedan? “Ik was soldaat, maar na de onafhankelijkheid zijn we allemaal ontslagen. Bovendien kunnen we fluiten naar ons opgebouwde pensioen.” Sultan vocht dus in dienst van het regime, terwijl veel van zijn volksgenoten deserteerden en juist tegen de regeringstroepen vochten. Mubarak, met wie ik vanmiddag op pad ben, ziet mijn verbazing en legt uit dat ook tijdens de ‘Noord-Zuid’ oorlog veel soldaten van het (Noord) Soedanese leger uit het zuiden kwamen.

Tot drie keer toe vraagt Sultan of ik hun situatie onder de aandacht van Westerse donoren wil brengen. “Misschien kunnen we asiel krijgen in een derde land. In Soedan kunnen we niks, maar in Zuid-Soedan lopen we grote kans als verraders te worden gezien.” Zijn antwoord op mijn nog onuitgesproken vraag kan ik inmiddels al raden. “Als we dit geweten hadden, zouden we nooit voor onafhankelijkheid van het Zuiden hebben gestemd,” zegt Sultan.

Toevlucht in de kerk

In hartje Khartoem, omringd door chique restaurants, ligt het terrein van de Anglicaanse kerk. Terwijl elke ambassade en winkel in de stad bewaakt wordt door bewapende agenten, kun je hier zo binnenlopen. Voor slechts tien bezoekers voeren vier misdienaren en een predikant de Engelstalige dienst uit. Halverwege begint de oproep voor het islamitische avondgebed, en dan wedijveren de swingende liederen van de Anglicanen en de zang van de muezzin om de het luisterend oor van de Allerhoogste.

“Ik huilde op de dag van Zuid-Soedans onafhankelijkheid,” vertelt een van de kerkelijk leiders. “Dit zou niet goed uitpakken voor het land, en zeker niet voor de kerk. Het noordelijke regime kondigde na de afscheiding een systeem af van ‘één staat, één taal, één godsdienst’ en het was duidelijk dat dat niet het christendom zou worden.”

Weinig uitzicht op vrede

Hoewel de Zuid-Soedanese afscheiding financieel een flinke aderlating was voor Soedan – het land nam driekwart van de oliereserves mee – lijkt de chaos in het zuiden tenminste één voordeel voor het regime in Khartoem te hebben: afgezet tegen het grootschalige geweld dat de zuidelijke ‘broedervolken’ tegen elkaar plegen, lijkt Soedan opeens een baken van rust en vrede. Ook al omdat de drie conflicten die het land de afgelopen jaren teisterden (in Darfur, het Nubagebergte en de deelstaat Blue Nile), inmiddels via wankele verdragen voorlopig bevroren (Nuba en Blue Nile) of zwaar verminderd (Darfur) zijn.

Ook in Zuid-Soedan werd vlak voor Kerst een akkoord gesloten, maar dat bleek net zo weinig waard als eerdere akkoorden. Begin januari waren er gevechten op een steenworp afstand van de hoofdstad Juba: zo dichtbij het presidentiële paleis was het geweld in geen jaren geweest. Geen enkele analist rekent op een snelle oplossing voor het land.

Ook de kerkleider loopt niet over van hoop wanneer ik vraag of er licht is aan het eind van de tunnel: God zit soms vol verrassingen, zegt hij plichtsgetrouw. “Eerst al die strijd voor een onafhankelijk zuiden, en dan nu deze teleurstelling. Nog even en mensen gaan weer spreken over een hereniging van Soedan. In Duitsland gebeurde dat toch ook, na veertig jaar?”

Hij wist van de risico’s, nu zit hij vast

 

Ousainou Darboe, oppositieleider Gambia. (afp photo)

Niet optreden tegen Gambia’s president, de Overwinnaar van Rivieren, is volgens hem geen optie. ‘Als we niets doen, wordt martelen van mensen normaal.'

Arne Doornebal.

Wanneer de president in het buitenland is, zijn de Gambiaanse veiligheidsdiensten gespannener dan anders. Zeker na de mislukte staatsgreep van december 2014. Zo eindigde donderdag een onschuldig ogende demonstratie voor verkiezingshervormingen in een bloedbad. Een dag later maakte Amnesty bekend dat Solo Sandeng, een topfunctionaris van oppositiepartij UDP, aan zijn verwondingen is overleden.

Zaterdagochtend volgde een nieuw protest, dit keer geleid door de 65-jarige advocaat Ousainou Darboe, leider van de UDP-partij. Dit is de man die bij verkiezingen al vier keer opnam tegen de president, die voluit Zijne Excellentie Sjeik Professor Doctor Yahya A.J.J. Jammeh Babili Mansa heet en sinds 1994 aan de macht is. Babili Mansa betekent letterlijk ‘Overwinnaar van Rivieren’.

Deze naam, die hij vorig jaar aannam, is volgens zijn critici het bewijs dat hij steeds meer gelijkenissen vertoont met dictators als Idi Amin in Oeganda (zelfverklaard Overwinnaar van het Britse Rijk, aan de macht van 1971 tot 1979) en Mobutu in Congo, die zich de Almachtige Strijder liet noemen en het van 1965 tot 1997 volhield.

Huis overhoop gehaald

Ousainou Darboe, ‘veteraan’ onder de oppositiepolitici, werd zaterdag opgepakt. De straat waar hij woont werd afgezet; zijn huis overhoop gehaald. In dat huis sprak ik Darboe, negen dagen eerder.

„Het is hier zo donker omdat de stroom is uitgevallen”, zegt Darboe als we gaan zitten op de leren banken in zijn woning. Hij pakt een lampje. Grappend: „Ik krijg het nog druk als ik straks president ben. We moeten eindelijk genoeg stroom opwekken voor dit land.”

Kalm en beheerst spreekt Darboe, sinds 1979 werkzaam als advocaat, over zijn bestaan als oppositieleider.

Gambia is in Amnestyrapporten beschuldigd van marteling. Darboe: „Het overkwam de secretaris-generaal van mijn partij. Onlangs dwongen ze hem op tv een verklaring af te leggen, terwijl je de sporen van marteling kon zien.”

Darboe legt uit waarom hij een tegenstander is van het regime van Jammeh, die in 1994 door een staatsgreep aan de macht kwam. „Deze regering respecteert onze wetten niet. Ze lapt mensenrechten aan haar laars en doet er alles aan investeerders uit het land weg te jagen. De president heeft nog maar weinig steun, ook kabinetsleden zijn tegen hem. Wat kunnen ze doen? Als je wordt opgeroepen voor een ministerspost, kun je die beter niet weigeren. Als er eerlijke verkiezingen zouden zijn, zou Jammeh verliezen.”

Is hij zich bewust van de risico’s? „Natuurlijk is het gevaarlijk”, zegt Darboe, niet wetend dat hij ruim een week later zal worden opgepakt. „Maar we zullen een risico moeten nemen. Als we niets doen, wordt de dictatuur permanent en wordt het martelen van mensen normaal. We mogen niet toestaan dat dit allemaal gebeurt in ons land. Dat zijn we verplicht aan onze kinderen en onze kleinkinderen.”

Het is onbekend waar Ousainu Darboe wordt vastgehouden, en onder welke omstandigheden.